drachenfelsDe Drachenfels werd al in 1836 erkend als natuurreservaat en is daarmee het oudste natuurreservaat van Duitsland. Het is niet zeker waar de naam vandaan komt. Volgens de legende zou Siegfried een draak gedood hebben en zich hebben gewenteld in diens bloed om onoverwinnelijk te worden. Er kleefde echter een klein blaadje op zijn schouder zodat hij op die plek wel kwetsbaar bleef… Het trachiet van de Drachenfels werd al in de tijd van de Romeinen als bouwmateriaal gebruikt. Ook in de middeleeuwen werd deze steen veel gebruikt omdat ze vlug en gemakkelijk langs de Rijn konden worden getransporteerd. Het transport van die stenen in de groeve gebeurde vroeger met ezels. Een standbeeld van een ezel in Königswinter herinnert aan die tijd. Nu worden enkel nog toeristen met ezels naar boven gebracht.Vroeger gingen die ezels langs het ezelspad, maar na een ongeval gebruikt men nu de voetgangersweg.

Men kan ook met het tandradspoor naar de Drachenfels rijden. Al 125 jaar sjokt de Drachenfelstrein met talloze toeristen aan boord omhoog naar de Drachenfels.  De Drachenfels is eigenlijk een dode vulkaan. Wanneer men het bergstation op 289m hoogte bereikt heeft men een weids uitzicht op het Zevengebergte. Boven op de top ligt de ruïne van het kasteel Drachenfels. Met de bouw van dit kasteel werd begonnen in de 12e eeuw. Het is nu een dakloze ruïne, nadat de burcht tussen de 17e en de 19e eeuw als steengroeve werd gebruikt. Nu staat op de top een restaurant met een regionale keuken en een groot terras. Vanaf hier heb je een weids uitzicht over de Rijn. In 1819 beklom Heinrich Heine de Drachenfels en schreef er zijn gedicht “Die Nacht auf dem Drachenfels”. Onderweg stopt het treintje ook op 170m hoogte in het middenstation om de mensen te laten uitstappen die Schloss Drachenburg willen bezoeken. Wij namen het treintje naar Drachenfels en kwamen te voet terug naar beneden. Onderweg aten we in het Winzerhäuschen en bezochten daarna het slot Drachenburg.

 Drachenfels

Drachenfels