f t g m
Copyright © 2017 Home - Hostgator Reviews

Leksand

LeksandEen plaats aan het Siljan meer, die voor ons vooral bekend is voor zijn rond knäckebröd, Leksands Knäcke. Hier verlaat de Österdalälvenrivier het Siljan meer. Vlakbij de kerk, die op de oever van de Österdalälven ligt, kan je het oudste openluchtmuseum van Dalarna bezoeken. Het werd opgericht in 1899. Hier staan boerderijen en bijgebouwen uit verschillende eeuwen en deze vertonen de verschillende timmerwerktechnieken die gebruikt werden in die perioden. Alle gebouwen hebben een nummer en een infobordje met tekst in het Zweeds en het Engels. Huis nummer 1 is zeer speciaal omdat het twee verdiepingen telt, wat heel uitzonderlijk was in de 18e eeuw. Het oudste huis dateert uit 1516. Naast verschillende schuren staat er ook een blokhut uit de 17e eeuw, die diende als voorraadschuur en waarvan de bouwstijl gelijkenissen vertoont met de Noorse bouwwijze.

Lees meer: Leksand

Furudals Bruk

Furudals BrukNiet ver van Rättvik ligt een voormalige ijzergieterij aan de rivier Ore. De ijzerfabriek telde verschillende gebouwen. De molen werd gebouwd in 1709, later kwamen er stallen en een smederij bij. In de eerste fabriek werden kanonnen gemaakt , het ijzer hiervoor kwam uit de mijnen van Leksand en Falun. Nadat de productie van kanonnen werd opgegeven begon een periode waarin de eerste ploegen werden gesmeed. In de 19e eeuw werd een werkplaats gebouwd waar men de bekende Furudals ankerketting maakte. De fabriek die op zijn hoogtepunt 1500 mensen te werk stelde werd in 1884 gesloten. De molen werd omgebouwd tot een hotel. De werkplaats is nu een art shop die echter gesloten was toen wij hier waren. De andere gebouwen werden grotendeels verbouwd tot vakantieverblijven. In één ervan is een museum over Noorse veteranen uit de Tweede Wereldoorlog die tijdens de bezetting van hun land naar Zweden vluchtten.

Lees meer: Furudals Bruk

Älvdalen Kyrka

Älvdalen KyrkaAl in de 15e eeuw stond hier een kapel maar daar is niets van over gebleven. Eeuwen lang bracht men veranderingen aan. Na een blikseminslag werd de kerk heropgebouwd op het einde van de 16e eeuw. In het begin van de 20e eeuw werd de kerk grondig gerenoveerd. Het altaar en de preekstoel werden overgebracht naar de kapel van Åsens. We kwamen niet naar hier om de kerk te bezoeken maar wel omdat vlakbij deze kerk twee van de oudste houten gebouwen uit Zweden staan: een kerk pakhuis uit 1285 en een slaapplaats voor reizigers. De kerk opslagplaats werd waarschijnlijk eind 16e eeuw naar hier overgebracht en diende om een tiende van de oogst of opbrengst van elke landbouwer op te slagen als loon voor de priester van de parochie. Het is een merkwaardig gebouw dat op palen staat. Het heeft twee deuren waarop met de hand gesmede sloten zijn bevestigd.

Lees meer: Älvdalen Kyrka

Evertsberg kapell

Evertsberg kapellDeze kapel werd in de 18e eeuw gebouwd maar heeft nog onderdelen uit vroegere tijden. Het interieur heeft overwegend een lichtblauwe kleur. De preekstoel staat vooraan naast het altaar. Opvallend zijn de grote ramen die veel licht doorlaten. In 2004 werd deze kapel grondig gerenoveerd. Naast de kapel staat de klokkentoren. De kapel ligt vlak naast het parcours van de jaarlijkse skitocht Vasaloppet en dient als richtpunt voor de vele skiërs.

 

 

Lees meer: Evertsberg kapell

Åsen

ÅsenÅsen is een klein plaatsje in de gemeente Älvdalen. Hier spreekt men de lokale taal älvdalska. Het dorp is vooral bekend om de heksenprocessen die hier in de 17e eeuw plaatsvonden. Een van de bekendste slachtoffers van deze processen is Maret Jonsdottir, een meisje van acht jaar dat hier in Åsen leefde. Ze werd onthoofd en daarna op de brandstapel verbrand door een getuigenis van een meisje van elf jaar. Na dit proces begon er een echte heksenjacht in zweden, zie ook het artikel over Mora.
Wij stopten aan Åsen kapell dat aan rijksweg 70 gelegen is. Met de bouw van deze kapel werd in 1729 begonnen. Het is een mooie houten kapel die echter niet open was. Vlak ernaast is er een klein kerkhof.

Rots Skans

Rots SkansIn het dorp Rot ligt Rots Skans, een fort dat in de 17e eeuw gebouwd werd als verdediging tegen de Noren en Denen. Nu is er een heemkundig museum ingericht in dat oud fort. Er staan 20 oude gebouwen opgesteld tussen en tegen de verdedigingswallen, van het fort zelf bleef niets over. De gebouwen dateren uit de late middeleeuwen tot begin 20e eeuw. In de huizen staan er duizenden objecten uit die tijd opgesteld. Wij waren hier enkele dagen voor midzomer en het cafetaria was nog niet open maar het museum was toegankelijk voor bezoekers. Volgens een briefje aan de poort mochten we zelf kiezen hoeveel we wilden betalen voor het bezoek. Geld mocht in een zakje aan de poort gestoken worden. Het is een interessant museum met vele informatie panelen in drie talen. Het geeft een uitstekende indruk over het leven in Dalarna in vroegere eeuwen.

Lees meer: Rots Skans

Rastplats Spjutmosjön

Rastplats SpjutmosjönDeze picknickplaats op weg 70 tussen Mora en Älvdalen ligt op 20 km van Mora en heeft heel wat te bieden. Naast een café en een toilet zijn er banken en tafels. Voor de kleinsten is een speeltuin. In het café is er informatie te vinden over de streek. Deze rustplaats werd in 2008 verkozen tot beste rustplaats van Dalarna in 2008. Je hebt hier een mooi uitzicht op een meer.

Karl-Tövåsens Fäbod

Karl-Tövåsens FäbodDit is een kleine maar sympathieke zomerboerderij op 8 km van het dorpje Vikarbyn. De afslag op weg 70 tussen Rättvik en Vikarbyn staat duidelijk aangegeven. De zandweg naar deze fäbod is goed berijdbaar. Karl-Tövåsens Fäbod bestond al in de 17e eeuw en had toen zes eigenaars. Vroeger waren hier tientallen zomerboerderijen maar de Karl-Tövåsens Fäbod is de enige die nu nog gebruikt wordt. Ze wordt sinds 1663 onafgebroken elke zomer gebruikt door de familie Gumuns die de traditie in ere wil houden. De houten gebouwen die er nu nog staan stammen uit die tijd. De gebouwen van de andere fäbodar zijn grotendeels vervallen, er blijven enkel funderingen van over. Vroeger werden de koeien op 10 juni overgebracht naar de zomerboerderij. De mannen bleven slechts enkele dagen om de nodige herstellingen te doen. Het waren vooral vrouwen en meisjes die hier het werk moesten verrichten. De koeien moesten tweemaal per dag gemolken worden en er moest kaas en andere melkproducten gemaakt worden.

Lees meer: Karl-Tövåsens Fäbod

Falun

FalunHet was erg regenachtig toen we die morgen vertrokken voor een tocht van 85 km naar Falun. De ganse trip hadden we regen en deze werd nog erger naarmate we dichter bij Falun kwamen. Falun is vooral bekend voor zijn immense put midden in de stad, deze staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Al in de negende eeuw werd hier koper gedolven in de mijnen van de Kopparberget. In de 17e eeuw was deze mijn de grootste industrie in Zweden. Er werden zo’n 80 km gangen gegraven in de mijn om het koper boven te halen. Dit koper kende veel toepassingen en werd uitgevoerd over heel Europa. Bijvoorbeeld het dak van het paleis van Versailles is bekleed met Falun koper. Op 25 juni 1687 gebeurde hier een grote ramp. De ganse mijn stortte met groot lawaai in en liet een groot rood gat in de grond na. Gelukkig vielen er geen slachtoffers omdat die dag niemand aan het werk was (midzomer). In de gietende regen stonden wij aan de rand van die put. Het is inderdaad een indrukwekkende put waar je hier en daar nog resten van mijnschachten kan herkennen.

Lees meer: Falun

Carl Larsson-gården

Carl Larsson-gårdenDit is het huis waar de kunstenaars Carl en Karin Larsson woonden. Het huis staat in Sundborn, niet ver van Falun, vlakbij een meer. Carl Larsson werd geboren in Gamla Stan in Stockholm en kende geen gemakkelijke jeugd. Na kunstenaars opleiding in Stockholm ging hij als fotograaf werken en illustreerde boeken. Zijn eerste vrouw stierf bij de geboorte van zijn tweede kind. Enkel jaren later stierven zijn beide kinderen op jonge leeftijd. Hij vertrekt dan naar Parijs waar hij vooral aquarellen maakt. Hij zal nog enkele malen naar Parijs terugkeren waarbij hij zijn tweede vrouw Karin ontmoet. Met haar heeft hij nog 8 kinderen. In 1888 kreeg het gezin het huis in Sundborn cadeau van de vader van Karin. Hier maakt hij veel aquarellen met vooral zijn vrouw en kinderen als onderwerp. Dit huis, Lilla Hyttnäs, was oorspronkelijk een klein tweekamer huisje maar werd een kunstwerk op zich. De kamers, meubels en inrichting werden kunstig ontworpen en bewerkt door zowel Carl als Karin.

Lees meer: Carl Larsson-gården

Styggforsen

StyggforsenStyggforsen is een natuurreservaat op 20 km van Rättvik. Vanaf de parking loopt een wandelpad van 750 m rond het reservaat. Vermits de wandeling zowel boven als onderaan de Styggforsen waterval met een hoogteverschil van 36 m, loopt is ze niet gemakkelijk. De paden tussen de hoge bomen en de lange steile trappen maken dat deze wandeling niet voor iedereen geschikt is. De waterval is wel de moeite. Het water stort langs een steile klif tussen hoge sparren naar beneden. Onderaan de waterval is er een grot ontstaan, de Trollhålet. Deze grot is 8 m diep en ontstond door de erosie van het water. Vroeger stonden in dit gebied vele molens. Een nieuw gebouwde watermolen herinnert hieraan. Er staan vele infoborden langs de wandeling maar jammer genoeg allemaal in het Zweeds. Ingmar Bergman nam in dit reservaat in 1960 de film Jungfrukällan, de maagdenbron, op. Een film met in de hoofdrol Max von Sydow.

Lees meer: Styggforsen

Skattungbyn

SkattungbynSkattungbyn is een klein dorpje met 350 inwoners in de omgeving van Orsa dat volledig van de landbouw leeft. Wij kwamen naar hier omdat het dorp door zijn ligging een prachtig uitzicht over de uitgestrekte bossen heeft. Omwille van zijn natuurlijke schoonheid heeft Ingmar Bergman hier meerdere scenes voor verschillende films opgenomen, o.a. voor de film Jungfrukällan. Ook de erotische film Fäbodjäntan werd hier opgenomen.

 

Lees meer: Skattungbyn

Springkällan

Springkällan360 miljoen jaar geleden sloeg hier een grote meteoriet in. Rotsen, stenen en aarde werden verplaatst en vormden een ringvormige vallei, de Siljan Ring. Het was algemeen bekend dat in een dergelijk gebied aardolie kon gevonden worden. Men vond hier dan ook kleine hoeveelheden petroleum in de 18e eeuw. In het midden van de 19e eeuw ontstond de hoop om grote hoeveelheden te vinden. Drie maatschappijen begonnen hier met technieken die men gebruikte in Noord Amerika naar petroleum te boren. Grote hoeveelheden werden nooit gevonden. Het boorwerk werd door lokale bewoners gedaan en dit zorgde voor een goede broodwinning. Er wordt verteld dat de werklui regelmatig kerosine in de boorgaten goten om het management de indruk te geven dat men op de goede weg was. Op de plaats van de Springkällan begon The Dala Company in 1869 met het boren.

Lees meer: Springkällan

Sollerön

SollerönHet eiland Sollerön, eiland van de zon, ligt in het Siljan meer en is aan de noordelijke kant met een brug verbonden met Mora en aan de westkant met een brug naar Gesunda. Het eiland is slechts twintig km2 groot en leeft voornamelijk van het toerisme. Karakteristiek voor het eiland zijn de ontelbare appel- en kersenbomen. Sollerön is al duizenden jaren bewoond. Er was hier al een nederzetting in het Stenen tijdperk. Uit de Vikingtijd zijn er verschillende graven. Deze graven zien er uit als steenhopen en ze liggen verspreid in de weiden vooral rond het heemkundig museum. In enkele van die graven vond men verschillende gebruiksvoorwerpen zoals prachtig versierde zwaarden. Vanaf het heemkundig museum vertrekt een wandelpad naar de begraafplaats, de wandeling geeft onderweg eveneens uitleg over het leven van de Vikingen. De inwoners van Sollerön zijn altijd uitstekende scheepsbouwers geweest. De technieken werden van generatie op generatie doorgegeven. De langwerpige smalle boten van de Vikingen waren de voorlopers van de kerkboten die eeuwen later op het Siljanmeer gebruikt werden om naar de kerk te varen.

Lees meer: Sollerön

Sollerö Hembygdsgård

Sollerö HembygdsgårdWe hebben er even naar moeten zoeken maar vonden het dan toch. Sollerö Hembygdsgård is het heemkundig museum van Sollerön. Er staan hier huizen uit de 17e, 18e en 19e eeuw. Alle huizen zijn van een andere plek op Sollerön afkomstig en werden op deze plaats terug opgebouwd. Eén gebouw werd op het nippertje gered toen de eigenaars het naar Amerika wilden verschepen. Dit museum verkreeg zijn eerste gebouw in 1932 en er zijn regelmatig gebouwen bijgekomen. Het was klokslag vijf uur toen wij arriveerden en de uitbaters van het café en de museum shop verlieten juist het terrein. De poort naar het museum bleef open maar alle gebouwen waren gesloten natuurlijk. De omheining rond de poort bestaat uit gedroogde dennenstammen die afkomstig zijn van de eerste houten brug met het vasteland.

Lees meer: Sollerö Hembygdsgård

Lerön

LerönLerön is een klein eilandje dat halverwege de brug tussen Sollerön en Gesunda ligt. Hier staan boothuizen waar zowel nieuwe als oude kerkboten van Sollerön staan opgesteld. Wij zagen die toevallig staan toen we na onze picknick aan de kleine jachthaven nog een kleine wandeling maakten.

 

 

Lees meer: Lerön

Fulufjället nationalpark

Fulufjället nationalparkWe kozen een mooie zomerse dag uit om naar dit nationaal park te rijden, een afstand van ongeveer 150 km van ons vakantiehuisje nabij Mora. Op de lange eenzame rijksweg 70 tussen Älvdalen en Särna zagen we al van ver een eland midden op de baan staan, we dachten eerst dat het een standbeeld was. Nadat we voorbij Särna de afslag richting Mörkret hadden genomen zagen we onze tweede eland. Later die dag zagen we er nog twee. Dit record (vier elanden op één dag) hebben we daarna nooit meer gebroken. Ofwel hadden we die dag veel geluk ofwel verblijven er veel elanden in deze streek. De weg eindigde aan de ingang (Njupeskär) van het park. Hier is ook een Naturum of bezoekerscentrum en een restaurant. De naam van het park komt van de Fulufjället, een berg van meer dan 1000 m hoog. Het park is een voor het grootste deel een gebied met veel laag struikgewas, mossen, grassen en kale bergen. Bossen met bomen zijn in de minderheid.

Lees meer: Fulufjället nationalpark

Göljån

GöljånIn augustus 1997 was er een enorme storm boven het Fulufjället reservaat. Er viel tot 400 mm water op een dag. Door deze enorme watermassa zwol de Göljån rivier zo erg aan dat ze buiten haar oevers trad en als een ware vloedgolf door het reservaat trok. Het debiet van de rivier was 500 maal groter dan normaal. De gevolgen waren desastreus, alles wat in de loop van die watermassa lag werd meegesleurd. Bomen met een hoogte van 35 m en een diameter van een halve meter werden met hun wortels uitgetrokken en als lucifers op elkaar gegooid. De 6 m hoge vloedgolf ontboste bijna 10.000 km2. Jaren later zijn die verwoestingen nog altijd te zien. Je kunt een wandeling maken door dit gebied, de Göljån Naturstig, maar gemakkelijk is ze niet. Met boomstammen zijn er primitieve bruggen gemaakt om de rivier te kunnen oversteken. De natuur herstelt zich langzaam van de ramp, zo komt de plantengroei terug op gang maar je kunt nog altijd goed de loop van de vloedgolf herkennen.

Lees meer: Göljån

Gesundaberget

GesundabergetEen 514 m hoge berg naast het gelijknamige dorp. In de winter wordt op deze berg aan alpine skiën gedaan. Onderaan de helling staat een groot hotel met een grote parking. Er zijn verschillende skiliften naar de top maar deze waren natuurlijk buiten gebruik toen wij hier in de zomer waren. De wandeling naar de top is niet gemakkelijk, het gaat redelijk steil. Vanaf de parking naar de top moet je een hoogteverschil van 200m overwinnen. Op de top zit je 353 m boven het waterpeil van het Siljan meer. De wandeling loont de moeite want het uitzicht vanaf hier is fenomenaal, het heeft niet voor niets drie sterren in de groene Michelin gids. Vanaf hier zie je ook hoeveel eilanden er in het Siljan meer liggen.

Lees meer: Gesundaberget

Tomteland

TomtelandJuist buiten Mora op de Gesundaberg ligt een pretpark voor kinderen gewijd aan de Kerstman en de trollen. Dit park is slechts open van midzomer tot half augustus. Entree is via het huis van de echte Kerstman. Wij passeerden hier voor midzomer en zijn huis was dan ook niet open. Het pretpark heeft een oppervlakte van enkele ha, de rendieren van de Kerstman verblijven hier en leren hier vliegen.

 

 

Mora

MoraMora is een redelijk grote stad die niet alleen aan het Orsasjön en het Siljan meer ligt, maar ook aan de Österdalälven rivier en wordt dan ook door veel toeristen bezocht. Het ligt op het kruispunt van de E45 en rijksweg 70. Er is een 4 km lange verbinding tussen het Orsasjön en het Siljan meer. Mora is voor ons vooral bekend door de jaarlijkse Vasaloppet ski marathon die elk jaar in maart gelopen wordt. In het begin van de 16e eeuw was de jonge aristocraat Gustav Vasa op de vlucht voor de koning van Denemarken. Zweden werd in die tijd geregeerd door de Deense koning. Om de weerstand van de Zweedse aristocraten tegen hem wat te milderen nodigde hij hen uit voor een banket in Stockholm.

Lees meer: Mora

Zorngården

ZorngårdenDit huis vlakbij de kerk van Mora gelegen was de laatste woonplaats van Anders Zorn. Zorn werd in 1860 geboren en werd opgevoed door zijn grootouders op een boerderij in Mora. Op 15 jarige leeftijd trok hij naar de kunstacademie in Stockholm waar hij opviel door zijn talent. Hij kreeg verschillende opdrachten bij de hogere kringen in Stockholm en zo leerde hij zijn toekomstige vrouw Emma Lamm kennen. Hij reisde naar Parijs, London, Spanje, Italië en de Verenigde Staten. Hij kreeg internationale erkenning en was een veelgevraagd portretschilder. Hij werd samen met Carl Larsson één van de bekendste schilders van Zweden.

Lees meer: Zorngården

Zorn Gammelgården

Zorn GammelgårdenEen verzameling van een 40 tal houten huizen die Anders Zorn kocht en hier in Mora bij elkaar plaatste om er zeker van te zijn dat deze wijze van bouwen niet zou verloren gaan in de toekomst. Hij leefde in een tijd dat de technologie veel vooruitgang maakte en hij zag dat oude tradities verdwenen, daarom wilde hij die bouwstijlen bewaren voor volgende generaties. Hij liet de huizen zo plaatsen dat enkele een dorp vormden. Andere gebouwen vormen een zomerboerderij. Veel van die huizen stammen uit de middeleeuwen. Het zijn niet enkel huizen maar ook schuren, boothuizen, zomerverblijven, een molen en stallen.

Lees meer: Zorn Gammelgården

Anders Zorn Gopsmor

Anders Zorn GopsmorEnkele kilometers van zijn woning in Mora had Anders Zorn een studio in de bossen van Älvdalen. In 1904 kocht hij grond van zijn oom aan het Dalälvens meer. Op deze unieke en rustige plaats liet hij enkele gebouwen oprichten die hij gekocht had in de naburige dorpen. Een oude schuur uit de middeleeuwen, een houten blokhut bijna identiek als de hut waarin hij zelf opgroeide, houten opslagruimtes, enkele schuren en een ovenhuisje. Al die gebouwen zette hij rond elkaar en hij heette die plaats Gopsmor. De oude schuur richtte hij in als studio en de blokhut plaatste hij aan het water om te kunnen vissen. Enkele van zijn meest bekende werken zijn hier gemaakt. Telkens wanneer de druk te groot werd kwam hij naar hier om in alle rust te kunnen werken. Hij leefde dan zeer sober en op traditionele wijze, hij at dan eenvoudige maaltijden in houten borden en met houten bestek.

Lees meer: Anders Zorn Gopsmor

Nysnäs

NysnäsHier moet je zijn als je wil zien hoe het bekende Dalarna paardje gemaakt wordt. Het meestal rode Dalarna paard is het bekendste symbool van Dalarna. Het is eenvoudig van vorm maar prachtig van kleur. In dit kleine plaatsje niet ver van Mora liggen er drie fabrieken waar paardjes gemaakt worden. De oudste en grootste is de Nils Olsson Hemslöjd fabriek. Het was al in de 17e eeuw dat er rond het Siljan meer paardjes uit hout werden gesneden als speelgoed voor de kinderen. Het decoreren van die paardjes begon echter maar in de 19e eeuw. Maar het is pas in het begin van de 20e eeuw dat Grannas Anders Olsson ze op grote schaal begint te maken. Hij gebruikte patronen van verschillende grootte en tekende die over op stukken hout om ze nadien uit te zagen. Het verdere afwerken gebeurde met de hand.

Lees meer: Nysnäs

Fäbodar

fabodarFäbodar zijn zomerboerderijen in de bergen. Vooral in bosrijke streken hadden de boeren weinig landbouwgrond. Om te kunnen overleven brachten ze in de zomer hun veestapel naar hoger gelegen zomerboerderijen zodat het vee daar kon grazen. Ondertussen kon de schaarse landbouwgrond in de dorpen gebruikt worden als akkers. Dit noemt men transhumance en dit werd al bedreven in de middeleeuwen. Elke boer uit het dorp had een aandeel in minstens één fäbod en een fäbod kon bestaan uit verschillende boerderijen. De veestapel werd begin juni vaak langs smalle paadjes naar de fäbod gebracht. Tijdens de zomer werd het vee soms nog verplaatst naar een andere fäbod.

Lees meer: Fäbodar

Ö Grunuberg

Ö GrunubergEen grote fäbod, de grootste in Zweden wat het aantal dieren betreft. Al in de Viking tijd was deze plaats bewoond, er werd ijzer gemaakt uit moerasgrond. Sinds eeuwen in gebruik met een kleine onderbreking in de jaren 1970. In de 19e eeuw had Grunuberg 25 gebruikers die strikte regels moesten volgen. Al hun dieren moesten op dezelfde dag, meestal vlak voor midzomer naar hier verplaatst worden en ze vertrokken allemaal op dezelfde dag terug naar hun dorpen. Zo konden ze allemaal evenlang hier op de weiden grazen. De zeer vriendelijke eigenaar gaf ons toestemming om zijn boerderij te bezichtigen hoewel hij weinig tijd had omdat hij een gast naar het station moest voeren.

Lees meer: Ö Grunuberg

Brindberg

BrindbergBrindberg is een grote fäbod gelegen op een bergflank met een mooi uitzicht. Vanuit Älvdalen is het nog enkele km rijden naar het noorden. Zoals dikwijls naar een fäbod zijn de laatste kilometers zandwegen. Deze fäbod is sinds eeuwen in gebruik, al in 1663 stond hij op de inventaris van gebouwen die belasting moesten betalen. Al de gebouwen liggen rond een grote weide. Tijdens ons bezoek was de eigenaar met zijn koeien in het woud maar enkele gasten gaven ons een rondleiding met deskundige uitleg in het Engels. Er stond een kalf in de weide, er liepen kippen rond en er stonden paarden.

Lees meer: Brindberg

Skräddardjurberga

SkräddardjurbergaEen goed bewaard gebleven fäbod dat al 300 jaren gebruikt wordt. Het ligt 25 km ten noorden van Orsa. Vanaf de ingang loopt een pad waarlangs alle gebouwen liggen. Ook hier weer de typische gebouwen: koestallen, schuren, melkhuisje, eldhus en stuga. Wij waren hier enkele dagen te vroeg, de boerderij ging pas open met midzomer, er waren nog geen dieren. De koeien worden in juni naar hier gebracht en blijven hier de hele zomer. Alles wordt gerund door één vrouw die ’s morgens de koeien melkt en ze dan naar de weiden in het bos brengt.

 

Lees meer: Skräddardjurberga

Fryksås

FryksåsHoog boven het Siljan meer, in de gemeente Orsa, ligt deze historische fäbod met een honderdtal huizen. Deze zomerboerderij ontstond hier in de 16e eeuw. Nu is hier geen boerderij meer maar mooi gerestaureerde huizen en knappe hotels en restaurants. Vanaf hier heb je een fantastisch zicht op het Siljan meer. Je kunt een wandeling van 6 km maken rond de fäbod die is aangegeven met een gele markering. Fryksås is privé terrein dus het Zweedse allemansrecht is hier niet van toepassing! De Siljansleden loopt door Fryksås.

 

Lees meer: Fryksås

Idre

IdreEen plaats met enkele honderden inwoners maar met één van de grootste skigebieden van Zweden. Idre ligt aan het meer Idresjön. Idre is één van de kleinste Samen gemeenten in Zweden en de meest zuidelijke Samen plaats ter wereld. De mensen in Idre leven van de rendieren. Voor je Idre binnenrijdt is er aan de linkerkant een souvenirwinkeltje met verschillende Samen artikelen. Een vriendelijke dame gaf ons graag uitleg over de Samen cultuur. Wij hadden daar een totaal verkeerd beeld van. Het bureau voor toerisme vind je in een rond gebouw met een groen dak aan de hoofdbaan, het Kulturhuset. Iets voorbij het kleine centrum is de afslag naar het natuurreservaat Städjan-Nipfjället.   

Lees meer: Idre

Nipfjället en Städjan

StädjanTwee bekende bergen in Dalarna, gelegen in een natuurreservaat. Dit reservaat is grasland voor de duizenden rendieren die hier vrij rondlopen. De kudden rendieren zijn eigendom van de Samen die wonen in Idre. De weg naar de Nipfjället begint iets voorbij Idre, als je van Särna komt via weg 70. De weg is eerst een asfalt weg en later een zandweg. Je komt voorbij de winterparking met stuga en picknickplaats en tenslotte eindigt de weg aan de zomerparking, aan de voet van de Nipfjället gelegen. Tussen deze twee parkings heet de weg de Trollvägen. Hier kom je voorbij een bijzondere plaats. Als je op de aangegeven plaats je auto stopt en hem in vrij zet en dan je rem loslaat rijdt je auto bergop! Dit fenomeen komt maar op enkele plaatsen ter wereld voor.

Lees meer: Nipfjället en Städjan

Grövelsjön

GrövelsjönGrövelsjön ligt een 40 km ten noorden van Idre in het uiterste noorden van Dalarna. Hier heb je eindeloze vergezichten op de Noorse en Zweedse bergen. Op de hoogste toppen zie je in de zomer nog sneeuw liggen. Het is een paradijs voor wandelaars in de zomer, er zijn vele goed gemarkeerde paden en er is altijd kans om een kudde rendieren tegen te komen. Parkeren kan en moet je aan het Grövelsjön Fjällstation, de weg loopt hier immers niet verder. Aan dit station vertrekken vele wandelingen o.a. meerdaagse wandelingen naar Noorwegen of verder weg gelegen gebieden. Ook de Zweedse plantkundige Carl Lineus wandelde hier. De top van de Storvätteshågna, de hoogste berg, is langs hier te bereiken.

Lees meer: Grövelsjön

Helvetesfallet

HelvetesfalletÄmån is één van de grootste rivieren die door het grondgebied van Orsa loopt. Het uitzicht langs de rivier verandert sterk gedurende zijn verloop. Hier in Helvetesfallet loopt de rivier tussen 30 m hoge steile wanden zodat hij een canyon vormt. De rivier werd vroeger gebruikt om boomstammen te vervoeren. Helvetesfallet ligt 25 km ten noorden van Orsa en je geraakt er door een kilometers lange zandweg te volgen. De wandeling naar de rivier begint daar waar de weg eindigt. Er staat een informatie bord met een plattegrond en een tekst in het Zweeds en Engels waar erop gewezen wordt dat je voorzichtig moet zijn en je kinderen goed in het oog moet houden. Dat beloofde al. De wandeling is maar enkele honderden meters en begint met een steile houten trap naar beneden. Dan stap je 100 m tussen de bomen waarna weer twee houten trappen naar beneden.

Lees meer: Helvetesfallet

Storstupet

StorstupetNiet ver van de Helvetesfallet ligt Storstupet, eveneens een canyon van de rivier Ämån. Je geraakt er door een zijweg in te slagen vanop de zandweg naar Helvetesfallet. Er is een kleine parking voor enkele auto’s en een informatie bord. Ook hier wordt er gewaarschuwd dat het glad kan zijn en dat je voorzichtig moet zijn. Vanaf de parking is het maar honderd meters naar een uitzicht punt waarvan je een zicht hebt op de 34 m hoge spoorwegbrug die je een goed idee geeft van de diepte van de canyon. De rivier stroomt hier over een kunstmatig aangelegde glijbaan zodat de boomstammen die de houthakkers stroomopwaarts in de rivier gooiden gemakkelijk de Storstupet konden nemen en verder naar de stroomafwaarts gelegen zagerijen konden drijven.

Lees meer: Storstupet

Norrboda

NorrbodaNorrboda Gammelstan ligt in de gemeente Rättvik. Norrboda was vroeger een dorpje dat bestond uit een 20 tal boerderijen. Deze boerderijen stonden redelijk verspreid over een groot gebied zoals toen gebruikelijk was. Vaak stonden er echter twee of drie dicht bij elkaar. In dit openluchtmuseum Gammelstan staan nog twee boerderijen op hun oorspronkelijke plaats aan weerszijden van een weg: Nissnissgården en Finngården. Deze boerderijen omvatten in totaal 28 gebouwen volledig opgetrokken uit onbeschilderd hout. Door studie van de bouwtechniek en inrichting kon men de ouderdom van de gebouwen bepalen.

Lees meer: Norrboda

Tällberg

TällbergEen typisch Dalarna dorp met karakteristieke houten huizen gelegen aan het Siljan meer. Het behoort tot de gemeente Leksand en telt ongeveer 200 inwoners, 600 mensen hebben hier een vakantiewoning. Sinds 2005 wordt hier elk jaar het Tällberg Forum gehouden. Dit forum, ingericht door de Tällberg Foundation telt honderden gasten en sprekers en er wordt vooral gesproken over internationale samenwerking. Toen wij hier waren in juni 2013 was het forum in volle gang. Er stond een grote tent in het midden van het dorp, naast de tent stonden grote gedekte tafels en tientallen mensen liepen er rond in traditionele kledij. Waren wij enkele uren vroeger geweest hadden we misschien nog Koning Gustav gezien.

Lees meer: Tällberg

Särna

SärnaAls je op weg 70 door het centrum van Särna rijdt stop je best even aan de huidige witte kerk. Achter deze kerk staat een museum kerk, de gamla kyrka. Een oude houten kerk gebouwd in de 17e eeuw en in gebruik gebleven tot eind 19e eeuw. Deze prachtig gerestaureerde houten kerk is gelegen in een mooie omgeving aan het Särnsjön meer. Zeker één van de mooiste kerken die we al bezocht hebben op onze reizen. Deze kerk was in het midden van de 19e eeuw aan reparatie toe, en zeker na een brand die een deel van de kerk verwoestte werd beslist een nieuwe kerk te bouwen en de oude kerk op te geven.

Lees meer: Särna

Bunkris brandtorn en Buskoviusstenen

Bunkris brandtornDeze toren is gelegen langs rijksweg 70 van Älvdalen naar Särna. Hij is 600 m boven zeeniveau gelegen en heeft een hoogte van 24 m zodat men hier een mooi uitzicht over een groot gebied heeft. De toren werd gebouwd in de jaren 1890 en diende als brandtoren zodat de brandwacht de bossen rond Älvdalen in het oog kon houden. Er werd in die tijd veel in de bossen gewerkt en men was niet altijd even voorzichtig met vuur maken, er waren dus regelmatig bosbranden die veel schade veroorzaakten. In heel Europa begon men maatregelen te nemen om de bosbranden te beperken o.a. met brandtorens. In Zweden waren er 300 torens in gebruik tot de jaren 1960, toen werden de torens vervangen door vliegtuigen.

Lees meer: Bunkris brandtorn en Buskoviusstenen