Dit oud vissersdorpje in het noorden van Öland leeft vandaag van het toerisme. Byxelkrok heeft een kleine haven. In de houten boothuisjes zijn nu restaurants, bars en shops gevestigd.
Er is ook een zandstrand met aanlegsteiger. De eerste toeristen arriveerden in het begin van de 20e eeuw, daarna schoten gastenverblijven en campings als paddenstoelen uit de grond.
Hier vertrekt ook de boot naar het eiland de Blå Jungfru en Oskarshamn op het vasteland.


Iets verder naar het noorden ligt Neptuni åkrar. Dit is een gebied van steen langs de kust, De naam "Neptuni åkrar" is bedacht door Carl von Linné. Hij kwam hier langs tijdens zijn reis naar Öland in 1741. Het betreft 200 meter brede kustdijken, een formatie uit de laatste ijstijd. Een kustdijk bestaat voornamelijk uit platte stenen en grind die door de golven boven of parallel aan de waterlijn zijn getransporteerd.

Ten zuiden van Neptuni åkrar ligt de Forgalla Skepp, een schipvormige grafheuvel uit de bronstijd, met 32 kleine steencirkels, 9 grafkisten en 12 ronde grafheuvels. Iets meer naar het zuiden staat de Höga Flissa, een kalksteenrots van 1,70 meter hoog.
In de buurt van Byxelkrok ligt ook nog Skäfteskär Järnaldersby: een nagebouwd dorp uit de IJzertijd met huizen, goederen en dieren. Het is was echter gesloten tot 29 juni.

